1980 AD Blaucapel 07Begin augustus 2017 stond er een bericht in de krant: de uitvaartbranche wil een register. Met de commotie over het Lerarenregister vond ik het een opvallend bericht. En het riep de vraag op: waarom zij wel en de docenten niet? Een verkenning.

Professionalisering

Elk beroep maakt een ontwikkeling door. Helaas heb ik de bron voor deze bewering niet meer, hij is gedaan tijdens een collegecyclus tijdens mijn studie Toegepaste Onderwijskunde. De cyclus is ongeveer als volgt: iemand kan iets en verdient daar het brood mee. Vervolgens gaan anderen dat ook doen, want blijkbaar is het een activiteit waar vraag naar is. Bij het maken van een product, ontstaat op een gegeven moment de behoefte om de prijs en de kwaliteit van het werk met elkaar af te spreken. Deze afspraken worden geformaliseerd in gildes. Gildes ontstaan dus wanneer er sprake is van aan te wijzen beroepen (arbeidsdeling) die door meerdere personen uitgeoefend worden. Doel hierbij is de beroepsuitoefening, tarieven en de scholing om te komen tot het beroep te regelen. de In de moderne tijd zijn er nog restanten van die gildes: de brancheverenigingen als Bovag of Uneto, verenigingen van zelfstandige (eenmans-) bedrijven.

Gildes hebben vooral betrekking gehad op ambachten. In een meer ontwikkelde maatschappij, waarbij ook diensten een grote rol gaan spelen, krijgen ze de vorm van beroeps- en vakverenigingen. De regulering van de tarieven verdwijnt dan overigens onder invloed van kartel-toezichthouders.

Regulering instroom

In een samenleving waarin de scholing van beroepsbeoefenaren een zelfstandige taak is, wordt het ook mogelijk de instroom in het beroep te reguleren: zo wordt voorkomen dat er teveel aanbod is wat de prijs zou laten dalen. Die regulatie vindt langs drie sporen plaats: door het formuleren van opleidingsvereisten, door het wettelijk verankeren van deze vereisten en door het juridisch beschermen van de beroepstitel. De samenleving, de overheid, blijkt gevoeliger voor de wettelijke bescherming van een beroepstitel, naarmate het maatschappelijk belang groter is om dat te doen.

 

Organisatie van de beroepsuitoefening

Kijken we verder naar de aard van de beroepen en de wijze waarop zij in de samenleving uitgevoerd worden, dan zien we bij artsen, accountants, advocaten (enz), dat het veelal om een grote variëteit in organisatie gaat: de ene beoefenaar is in loondienst, de andere is zzp en de derde maakt deel uit van een maatschap. Een gedegen opleiding, met certificaat geeft garantie op de juiste kennis om aan het beroep te beginnen. Nascholingseisen zorgen voor het actueel houden van die noodzakelijke kennis. Daarbij is weinig sturing vanuit de overheid. De juiste persoon, met de juiste opleiding, op de juiste plek geeft dan de grootste garantie op de juiste uitkomst van de activiteiten. Voeg een groot maatschappelijk belang toe en een dynamische kennisbasis, en een register waarin die vooropleiding en voortdurende scholing geformaliseerd wordt door de overheid voorgeschreven. Denk bv aan het register Beroepen in de Gezondheidszorg (BIG). De beroepstitel (arts), of het feit dat men voldoet aan de registratievereisten, wordt dan een onderdeel van de beroepstrots. Dus we hebben het over dhr. De Vries (arts) en mevr. Jansen RA.

Overheid- of branche gedreven

De ontwikkeling van het formaliseren van beroepen, komt overigens niet alleen van de beroepsbeoefenaren zelf. Kon vroeger iedereen een zich “financial planner” noemen en tussendoor een hypotheek verkopen, tegenwoordig, onder druk van de toezichthouders en de aansprakelijkheidsverzekeraars, zijn meer en zwaardere diploma’s nodig om burgers te mogen adviseren over financiële planning en/of verkoop van hypotheken. De grotere complexiteit van de samenleving draagt dus bij aan de noodzaak tot formalisering. Het is een uiting van de verder doorgevoerde meritocratie en aansprakelijkheidscultuur.

De uitvaartverzorgers

Met een andere maatschappelijke noodzaak, is de branchevereniging de sturende kracht. Wanneer de uitvaartverzorgers aansturen op een register, willen zij enerzijds de kwaliteit van de dienstverlening garanderen, formaliseren en anderzijds de instroom in het beroep reguleren door opleidingsdrempels op te werpen. Daar zullen dan vrij vlot nascholingseisen bij komen om toegelaten beoefenaren op niveau te houden. De volgende stap zal zijn, dat zij wettelijke bescherming gaan vragen voor de beroepstitel “uitvaartverzorger”. Een paar beunhazen die het nieuws halen zullen zo’n traject aanzienlijk versnellen.

Het Lerarenregister

De vraag is dan: is een register een logische stap in de ontwikkeling van het beroep leraar?

 

Advertenties